Worden als een kind….
Preeksamenvatting zondag 23 april 2006
Jos Douma, Fonteinkerk Haarlem
Marcus 10:15: ‘Wie niet als een
kind openstaat voor Gods Koninkrijk zal er zeker niet binnengaan.’ Dat is een
krasse uitspraak, zei iemand. En dat is het. Laten we proberen om dit woord van
Jezus als een zaadje te zien (vgl. Mar. 4:13-20) dat wordt gezaaid in ons leven.
Waar komt het terecht?
Kinderen
Het is fascinerend om je te
verdiepen in hoe kinderen zijn. Ze hebben vaak een grenzeloos vertrouwen, zijn
zeer direct en eerlijk, stellen veel vragen, staan onbevangen open voor iets
nieuws (overigens zijn alle kinderen daarin niet gelijk en worden deze
positieve dingen helaas ook al snel afgeleerd in opvoeding en onderwijs). De
bijbel is trouwens wel wat dubbel als het gaat om het kind, bijvoorbeeld
wanneer Paulus zegt: ‘Broeders en zusters, wees in uw denken niet als kinderen’
(1 Kor. 14:20; vgl. ook 1 Kor. 13:11; Heb. 5:11-14; 6:1-2; 1 Pet.2:1-3).
Jezus en de kinderen
(Marcus 10:13-16) Ouders brengen
hun kinderen bij Jezus, niet voor genezing of onderwijs, maar om aangeraakt te
worden (een liefdestaal). Deze ouders zien veel in Jezus en verwachten veel van
Hem alleen voor de zielen van hun kinderen! Jezus’ leerlingen reageren nijdig:
‘Jezus heeft alleen maar belangstelling voor volwassenen, zoals wij, dus houd
de kinderen alsjeblieft bij Hem weg!’ De leerlingen hebben trots en hoogmoed in
hun hart, willen de belangrijkste zijn (Mar. 9:33-37). Jezus reageert
buitengewoon gepikeerd. Hij is echt furieus! De leerlingen hadden moeten
begrijpen dat het hart van Jezus - die altijd liefdevolle aandacht had voor
armen, zwakken, blinden, kreupelen, kwetsbaren, zondaars en tollenaars - ook
speciaal uitgaat naar kinderen! Jezus geeft vervolgens meer dan Hem gevraagd
was: Hij neemt de kinderen in zijn armen, op schoot en zegent hen (vgl. Jes.
40:11)!
Geestelijk onderwijs
Jezus neemt zoals vaker zo’n
alledaagse gebeurtenis als aanleiding voor geestelijk onderwijs over het
Koninkrijk, de kern van zijn boodschap (Mar. 1:15). Het Koninkrijk is daar waar
Jezus is en waar Hij geëerd wordt als Heer. Alleen wie het karakter van een
kind heeft en wie - net als een kind dicht tegen zijn vader of moeder aankruipt
- de intimiteit met Jezus zoekt (omdat het zo heerlijk is door Hem aangeraakt
te worden), kan het Koninkrijk binnengaan.
Kinderen van het Koninkrijk
Wat zijn de ‘kernkwaliteiten’ van
kinderen van het Koninkrijk? Jezus gebruikt het woord ‘ontvangen’. Daarmee is
de kern aangeduid van het kinderlijke karakter dat noodzakelijk is voor het
binnengaan in het Koninkrijk: ontvankelijkheid. Dat kan verder worden
uitgewerkt in zes trefwoorden.
1.
Ontvankelijkheid | Kinderen kunnen dankbaar
en verwonderd ontvangen wat hun gegeven wordt. Ze zijn niet te trots om hun
hand open te houden. Het Koninkrijk is puur een kwestie van genade en kan niet
verdiend worden.
2.
Onbezorgdheid | Kinderen weten dat er voor hen gezorgd wordt en hoeven zich geen
zorgen te maken over geld, kleding of eten. In het Koninkrijk draait het erom
dat we volledig op Gods zorg voor ons vertrouwen. Wees niet bezorgd!
3.
Onvoorwaardelijkheid |
Kinderen stellen geen voorwaarden en hebben niet het gevoel dat ze aan bepaalde
voorwaarden moeten voldoen om geliefd te worden. In het Koninkrijk geldt deze
regel: je mag bij Jezus komen zoals je bent (maar Hij laat je vervolgens niet
zoals je bent).
4.
Onbevooroordeeldheid |
Kinderen kunnen nog onbevangen naar andere mensen kijken, zonder trots en
vooroordeel (‘pride and prejudice’) en ze zijn nog niet kritisch. In het
Koninkrijk waar Jezus Heer is, leren we af om te oordelen en bevooroordeeld te
zijn: iedereen mag leven van genade!
5.
Onderwijsbaarheid | Kinderen zijn een tabula
rasa (onbeschreven blad) en zijn ontzettend leergierig. Ze staan open voor
nieuwe dingen en inzichten. In het Koninkrijk gaat het erom dat we ons leven
lang leerling blijven, nooit gearriveerd zijn, altijd open blijven staan voor
nieuwe bijbelse gedachten, ook als ze lijken te strijden met wat we altijd
gedacht hadden.
6.
Onderdanigheid | Kinderen willen klein zijn en
beseffen dat iemand anders het voor het zeggen heeft. In het Koninkrijk willen
we allemaal niets liever dan onderdanig zijn aan onze ene Heer: Hij mag ons
door zijn Geest in alles leiden.
Hoe je kind wordt
Je bent geestelijk volwassen naar
de mate waarin je weer kind wordt. Hoe gebeurt dat? Door wedergeboorte
(Joh. 3:3-5) en door bekering en verandering (Mat. 18:3). Als een
kind worden is een diep-geestelijk proces, dat ons gegeven wordt, uit genade,
vanuit de hemel, door de Geest. Kind-zijn is vrucht van de wedergeboorte en
gevolg van dagelijkse bekering en verandering.
Twee concrete toepassingen
In de gemeente is veel kritiek en
gearriveerdheid. Daarom:
·
Laat je kritische houding varen
(onbevooroordeeldheid): een kritische grondhouding is in strijd met het
Koninkrijk. Als je kritiek hebt, breng het dan bij de Here, en strooi het niet
uit over de ander of in de gemeente. Kritische mensen vinden het Koninkrijk
gesloten.
·
Sta open voor nieuwe kennis
(onderwijsbaarheid): durf kinderlijk nieuwsgierig te zijn en laat de hoogmoed
varen die je ingeeft dat je alles al weet. Gods barmhartigheden zijn elke
morgen nieuw! Besef dat Gods openbaring in Christus veel ruimer en kleurrijker
is dan jouw individuele weergave van de bijbelse boodschap. Laat het gezegde
‘We zijn nooit te oud om te leren’ geen hol cliché zijn maar levende
werkelijkheid.
‘Verlang als pasgeboren
zuigelingen naar de zuivere melk van het woord.’ - 1 Petrus 2:2
‘Wees kinderen in het
kwaad, maar wees in uw denken volwassen.’ - 1 Korintiërs 14:20
‘Het is met u zo ver
gekomen dat u weer aangewezen bent op melk in plaats van op vast voedsel.’ -
Hebreeën 5:12
·
Lees samen de verschillende bijbelgedeelten die je op deze
Bronwater vindt.
·
Bespreek samen de zes kwaliteiten van het kind dat openstaat
voor het Koninkrijk.
·
Praat door over de twee concrete toepassingen en pas het
zelf nog concreter toe als het gaat om je eigen grondhouding ten aanzien van de
gemeente en de kleine groep.
·
Eer Jezus al biddend en dankend als de Heer van het
Koninkrijk in wie we kinderlijk verheugd mogen zijn.