Bidden om wat je al ontvangen
hebt….
Preeksamenvatting zondag 30 april
2006
Jos Douma, Fonteinkerk Haarlem
Marcus 11:24: ‘Alles waarom jullie bidden en
vragen, geloof dat je het al ontvangen hebt, en je zult het krijgen.’ Dit woord
van Jezus Christus roept veel vragen op. Want we hebben allemaal ervaring met
onverhoorde gebeden. Om Jezus’ uitspraak goed te kunnen begrijpen, is het
belangrijk om deze belofte te verbinden met de aansporing die eraan voorafgaat:
‘Heb vertrouwen in God’ (11:22) die weer gehoord moet worden in de context van
het hele verhaal (11:12-25).
Het is een vreemd verhaal: de vervloeking van de vijgenboom.
Altijd zegent Jezus (door vergeving, genezing, bevrijding), dit is het enige
vloekverhaal. Het is levensecht: op weg naar Jeruzalem, ’s morgens vroeg, heeft
Jezus honger, ziet een boom en verwacht er iets van te kunnen eten (geen
vijgen, daar was de tijd nog niet voor, maar kleine vruchtjes aan het einde van
de twijgen). Maar de levend lijkende boom heeft niets te bieden en beantwoordt
dus niet aan haar doel. ‘De boom die Jezus niet voedt, zal niemand meer tot nut
mogen zijn!’ (J. van Bruggen).
In de tempel aangekomen ziet Jezus dat ook deze niet aan
haar doel beantwoord. Het gebedshuis is een rovershol geworden! ‘Mijn tempel
zal heten: “huis van gebed voor alle volken”’ (Jes. 56:7). Jezus veegt in zijn
koninklijke macht het tempelplein schoon: de handel en het transport worden
stilgelegd. Het kan niet anders of
Jezus heeft enige tijd alles en iedereen in zijn ban gehouden. Gods
Geest voer door de tempel en niemand waagde het om zich te verzetten. De
tempelreiniging is eerder een tempelwonder! Wat volgt is: in plaats van
reformatie en bekering de woede van de leiders die Jezus uit de weg willen
ruimen (11:18) waaruit blijkt hoezeer Jezus’ woede gerechtvaardigd was, én de
eenzame terugtocht van de afgewezen Christus (11:19).
De volgende morgen blijkt de
vervloekte vijgenboom volkomen verdord te zijn. Jezus verbindt daaraan een
woord over ‘die berg’ (11:23). De toorn over de vijgenboom kan worden tot toorn
over de hele Olijfberg, een oordeel, dat door de leerlingen voltrokken mag
worden in geloof. Tegelijk staat deze uitspraak voor de belofte: geloof in God
en in Jezus maakt de bidder machtig!
Geloofsvertrouwen
Als Jezus zegt ‘Heb vertrouwen in
God’, moeten we bedenken dat Hij in de vervloeking van de vijgenboom laat zien
wat Zijn scheppende macht is. Voordat we bidden en vragen gaat het erom dat we
ons volkomen aan de God overgeven die ons in Christus ontmoet. De kracht om in
een belofte te geloven hangt af van het geloof in Hem die belooft. Alleen als
God zelf in Christus alles voor ons is, zullen we kunnen geloven dat ons bidden
al is verhoord. God zien als de machtige, heerlijke, grote, trouwe, goede,
scheppende, vernieuwende, eeuwige, heilige, liefhebbende God gaat vooraf aan
gebedsverhoring. Deze God staat voor ons in Jezus Christus. Deze God staat
achter zijn Zoon. Alleen als we deze God-in-Christus Zélf willen hebben, zullen
we ook zijn gaven ontvangen.
Bidden
Alles wat God ons wil geven omdat
het hoort bij zijn Koninkrijk en past bij Zijn wil, hebben we al ontvangen in
de verbondenheid met Christus die door de Geest wordt gegeven. We passen dit
toe op drie geestelijke gaven.
1.
Vergeving | In Marcus 11:25 gaat het over
het vergeven van de ander. Dat is het eerste waar Jezus over spreekt als Hij
ons vol vertrouwen leert bidden. We hébben de vergeving al als we ons vol
geloofsvertrouwen overgegeven hebben aan Christus Jezus. En we hébben dan ook
al de kracht om de ander te vergeven die je iets te verwijten hebt.
2.
Wijsheid | We hebben in verwarring en
verontrusting voor alles wijsheid nodig: Jacobus 1:5-8. Twijfelen we eraan dat
we wijsheid bij God zelf kunnen vinden? Als we twijfelen ontvangen we niets. De
wijsheid die God wil geven, ligt niet in onze eigen inzichten en ervaringen,
maar alleen in Christus (1 Kor. 1:24; Kol. 2:3). Alleen als we met Hem
verbonden zijn als ranken aan de Wijnstok (Joh. 15:5), zal zijn wijsheid de
onze worden.
3.
Eenheid | In Filippenzen 2:1-5 bidt
Paulus om eenheid en eensgezindheid. Daar zijn we als gemeente naar op zoek. We
mogen op grond van Jezus’ belofte over bidden en al ontvangen hebben geloven
dat we de eenheid en eensgezindheid al hebben, als het ons gaat om de
eensgezindheid die God door zijn Geest wil geven rondom Christus en niet om de
eensgezindheid die we in eigen kracht en wijsheid proberen te bewerkstelligen.
Gods Woord
Alleen Gods Woord is de Waarheid
en de Bron van eenheid. Niet het Woord dat buiten ons blijft, maar het Woord
dat in ons komt wonen: ‘Laat Christus’ woorden in al hun rijkdom in u wonen;
onderricht en vermaan elkaar in alle wijsheid, zing met heel uw hart psalmen en
hymnen voor God en liederen die de Geest u vol genade ingeeft’ (Kol. 3:16).
‘Laat
u bij het bidden leiden door de Geest, iedere keer dat u bidt.’- Efeziërs 6:18
‘Vraag
en er zal je gegeven worden, zoek en je zult vinden, klop en er zal voor je
worden opengedaan.’ - Matteüs 7:7
‘U
die ons bidden hoort – tot u komt de sterveling.’ - Psalm 65:3
·
Lees samen de verschillende bijbelgedeelten die je op deze
Bronwater vindt.
·
Bespreek samen de drie geestelijke gaven die voor de
gemeente van Christus zo belangrijk zijn en die we al ontvangen hebben:
vergeving, wijsheid, eenheid!
·
Praat samen door
over geloofsvertrouwen en gebedsverhoring.
·
Eer Jezus Christus al biddend en dankend als de Heer van het
Koninkrijk in wie we kinderlijk verheugd mogen zijn en die we vol vertrouwen
mogen aanroepen omdat Hij ons geeft wat we in Hem al hebben.