donderdag 19 december
Bevrijd je verdriet
Hoe kunnen we troosten? Wat is verdriet eigenlijk? Hoe doe je dat: rouwen? Kun je dat leren? Dat zijn vragen die mij momenteel bezig houden. Hoe kan ik zelf hulp, die als troost wordt ervaren, bieden aan mensen die rouwen? Hoe kunnen we als geloofsgemeenschap op een echte en liefdevolle manier gehoorzaam zijn aan het gebod uit Romeinen 12: "Heb verdriet met wie verdriet hebben"? Twee boeken zijn er die me helpen:
- Henri Nouwen, Bevrijd je van verdriet. Troost voor tijden van pijn en rouw
- W. ter Horst, Over troosten en verdriet

Een citaat van Henri Nouwen:

De tegenspoed die ieder van ons overkomt wordt niet verholpen met woorden, ook niet met gelovige woorden. Prachtige volzinnen zijn niet in staat om onze pijn, die diep zit, te verzachten. Maar er komt wl iets op onze weg dat ons erdoorheen helpt. Er klinkt een vraag: kun je jezelf toestaan van je verdriet te genezen? Kan je neerslachtigheid een doorgangshuis worden, door pijn heen naar vreugde? Wie noemde Jezus ook al weer 'zalig'? 'Zij die verdriet hebben' (Mt. 5, 4). Op die manier leren we onze verliezen onder ogen te zien, er niet bij weg te lopen. Als we de pijn die het leven meebrengt niet ontkennen, ontdekken we misschien iets verrassends, iets onverwachts. Als we in onze moeilijkheden een plaats inruimen voor God, leggen we een basis van vreugde en hoop in ons leven, ook in de verdrietige momenten ervan. We willen ons leven helemaal in de greep houden. Als we daarvan afzien, ontvangen we uiteindelijk misschien meer dan we zelf kunnen organiseren. We gaan op die manier ook dieper van anderen houden.
dinsdag 18 december
Drie keer een wonder
De afgelopen dagen (vanaf zaterdagavond laat) stonden in het teken van het verdriet om een klein meisje dat bij haar geboorte gestorven bleek te zijn. Haar vader en moeder hebben hun dochtertje en eerste kindje Tamar genoemd. Morgen is er een korte afscheidsdienst in de Fonteinkerk. Psalm 139 staat centraal en ik zal het hebben over drie wonderen:
- het wonder van dit prachtige meisje, wonderlijk geweven door haar God;
- het wonder van Gods onbegrijpelijke nabijheid, ook in verdriet;
- het wonder van Jezus' geboorte om ons leven te leven en onze tranen te huilen.

Ik loof u voor het ontzaglijke wonder van mijn bestaan,
wonderbaarlijk is wat u gemaakt hebt.
Ik weet het, tot in het diepst van mijn ziel.
(Psalm 139:14)

U omsluit mij, van achter en van voren,
u legt uw hand op mij.
Wonderlijk zoals u mij kent,
het gaat mijn begrip te boven.
(Psalm 139:5-6)

Als ik dit wonder vatten wil,
dan wordt mijn geest van eerbied stil.
Aanbidt het maar doorgrondt het niet
Dat zo de liefde Gods geschiedt.
(Liedboek Gezang 146:4)


woensdag 12 december
Een genezende gemeenschap
Bij het lezen van het boek 'The Wounded Healer' van Henri Nouwen werd ik getroffen door een prachtige opmerking over wat nu een 'healing community' is. Ik geef het citaat hier even door:

A Christian comunity is a healing comunity not because wounds are cured en pains are alleviated but because wounds and pains become openings or occasions for new vision. Mutual confession then becomes a mutual deepening op hope, and sharing weakness becomes a reminder to one and all of the coming strength.

dinsdag 11 december
Het bekendse Bijbelvers
Van Max Lucado is een nieuw boek verschenen: 3 vers 16. Rond dit boek, dat helemaal gewijd is aan de hoopvolle boodschap van het bekendste Bijbelvers, wordt een actie opgezet die als doel heeft dat op zondag 16 maart 2008 (Palmzondag) in zoveel mogelijk kerken gepreekt wordt over dit Bijbelvers. Het gaat er om dat zo vlak voor de Goede Week en Pasen in alle helderheid het evangelie van Gods liefde voor alle mensen klinkt!
Passie voor Preken zal handreikingen leveren voor het preken over Johannes 3:16. Meer informatie is nu al te vinden op: www.3vers16.nl. Ik hoop dat heel veel kerken mee gaan doen!
maandag 10 december
Jezus aanbidden
Hoewel het niet meevalt om temidden van het gemeentewerk tijd te vinden voor het schrijven, heb ik in de voorbije dagen toch weer een stap kunnen zetten. Hieronder vind je de opzet voor het boek 'Jezus aanbidden':

Namen van Jezus
1 U bent de Christus
2 U bent het Lam van God
3 U bent de Bruidegom
4 U bent Gods mysterie
5 U bent de Zoon van de mens
6 U bent de Goede Herder
7 U bent Gods evenbeeld
8 U bent de Hoeksteen
9 U bent de Middelaar
10 U bent het licht door de wereld

Deugden van Jezus
11 U bent eeuwig
12 U bent goed
13 U bent wijs
14 U bent almachtig
15 U bent barmhartig
16 U bent rechtvaardig
17 U bent liefdevol
18 U bent nederig
19 U bent heilig
20 U bent alomtegenwoordig

Daden van Jezus
21 U bent mens geworden
22 U onderwijst
23 U geneest
24 U hebt geleden
25 U bent gestorven aan het kruis
26 U bent opgestaan uit de dood
27 U regeert vanuit de hemel
28 U troost
29 U komt terug
30 U bevrijdt

Woorden van Jezus
31 U zegt: kom tot inkeer
32 U zegt: kom naar mij
33 U zegt: maak je geen zorgen
34 U zegt: wees niet bang
35 U zegt: mijn vrede geef ik jullie
36 U zegt: houd je aan mijn geboden
37 U zegt: ik heb voedsel dat jullie niet kennen
38 U zegt: ik was een vreemdeling
39 U zegt: jullie zijn mijn moeder en mijn broers
40 U zegt: je hebt niet meer dan mijn genade nodig

Ik hoop dat het schrijven van het boek mijzelf zal helpen om te groeien in het kennen, liefhebben en aanbidden van Jezus en dat het de lezer te zijner tijd ook zal bemoedigen om te groeien in aanbidding van de glorie van Christus.
maandag 3 december
Advent 2007: verdriet en troost
De voorbije dagen waren en de komende dagen zijn vol verdriet en troost. Heel plotseling stierf en broeder uit onze gemeente op de leeftijd van 54 jaar. Dat was schokkend en dat is het nog steeds. Enerzijds gebeurt het dat we de dood langzaam naderen, als we ziek zijn en naar de mens gesproken niet meer beter kunnen worden. Anderzijds is er volkomen abrupt het einde hier op aarde, zonder ook maar enige gelegenheid om je erop voor te bereiden.

We beleven dit als gemeente in de Adventstijd: een periode van bezinning en verwachting. Onderstaande zeven Bijbelwoorden zijn gisteren aan de gemeente uitgedeeld als geestelijke handreiking rond het sterven:

ZONDAG
Ik ben ervan overtuigd dat dood noch leven, engelen noch machten noch krachten, heden noch toekomst, hoogte noch diepte, of wat er ook maar in de schepping is, ons zal kunnen scheiden van de liefde van God, die hij ons gegeven heeft in Christus Jezus, onze Heer.
Romeinen 8:38-39

MAANDAG
Wij weten dat wanneer onze aardse tent, het lichaam waarin wij wonen, wordt afgebroken, we van God een woning krijgen: een eeuwige, niet door mensenhanden gemaakte woning in de hemel.
2 Korintiers 5:1

DINSDAG
Maar nu weet ik mij altijd bij u,
u houdt mij aan de hand
en leidt mij volgens uw plan.
Dan neemt u mij weg, met eer bekleed.
Wie buiten u heb ik in de hemel?
Naast u wens ik geen ander op aarde.
Al bezwijkt mijn hart en vergaat mijn lichaam,
de rots van mijn bestaan, al wat ik heb,
is God, nu en altijd.
Psalm 73:23-26

WOENSDAG
Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven.
Johannes 11:25-26

DONDERDAG
Wij willen u niet in het ongewisse laten over de doden, zodat u niet hoeft te treuren, zoals zij die geen hoop hebben. Want als wij geloven dat Jezus is gestorven en is opgestaan, moeten wij ook geloven dat God door Jezus de doden naar zich toe zal leiden, samen met Jezus zelf.
1 Tessalonicenzen 4:13-14

VRIJDAG
Want voor mij is leven Christus en sterven winst.
Filippenzen 1:21

ZATERDAG
U levert mij niet over aan het dodenrijk
en laat uw trouwe dienaar het graf niet zien.
U wijst mij de weg naar het leven:
overvloedige vreugde in uw nabijheid,
voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde.
Psalm 16:10-11

Download: Zeven bijbelwoorden die troost bieden bij het sterven (pdf)
dinsdag 27 november
'Vrijgemaakten van verstand naar gevoel'
Het Nederlands Dagblad bood vandaag een boeiende aanblik wat de koppen betreft:

'Vrijgemaakte kerken zijn sterk veranderd'
Vrijgemaakten van verstand naar gevoel
Kritiek op beroepsprofiel predikant

Wat ik erg goed vind van het Deputaatschap Dienst en Recht is dat ze durven spreken over niets minder dan een paradigmaverandering waar we als kerken midden in zitten. Dat maakt namelijk duidelijk dat bijvoorbeeld een eenvoudige bijstelling van het beroepsprofiel van de predikant niet een adequaat antwoord is op de vragen die in deze tijd op de kerken afkomen. Het is overigens al een belangrijke stap dat er over dat beroepsprofiel wordt nagedacht en dat met name vanuit de TU in Kampen al een heldere eerste keuze is gemaakt: concentratie op de kern (dienaar van Gods Woord zijn en geestelijk leiding geven) en specialisatie op deelterreinenen van het predikantsberoep. Toch is er veel meer aan de hand, en Deputaten Dienst en Recht wijzen daar terecht op.

Door één punt werd ik echter wel wat getriggerd. Als de Deputaten een uitgebreide opsomming geven van kenmerken van het 'oude' en het 'nieuwe' paradigma (ik zou liever willen spreken paradigma A en paradigma B, omdat 'oud' en 'nieuw' beoordelende begrippen zijn, hoezeer deputaten ook hun best willen doen niet te beoordelen), noemen ze ook dit:

Oud: Er is een sterke gerichtheid op het verstand, waardoor het rationele in de kerkdiensten en de onderlinge omgang vaak overheerst; gehoorzaamheid aan de geboden speelt een grote rol.
Nieuw: Er is een sterke gerichtheid op het gevoel, waardoor het emotionele in de kerkdiensten en de onderlinge omgang vaak overheerst; de persoonlijke band met Christus staat voorop.


Hier blijkt al hoe teer dit soort zwart-witte beschrijvingen liggen. Ik vind het bijvoorbeeld erg vervelend en ook erg onjuist om de 'gerichtheid op het gevoel' zo eenvoudig te verbinden met 'het vooropstaan van een persoonlijke band met Christus'. Alsof die persoonlijke band met Christus vooral door het gevoel zou worden gekleurd. Voor je het weet wordt zo meegewerkt aan een beeldvorming waarin een christocentrische benadering eenzijdig wordt verbonden met een benadering waar het accent ligt op gevoel en ervaring.

Ik geloof dat juist in de concentratie op Christus (die wij liefhebben met heel ons verstand en met heel ons gevoel) een aanzet ligt voor een paradigma C dat de tegenstellingen van de geschetste paradigma's overstijgt.

Nu weet ik wel dat de deputaten vooral willen analyseren, in beeld brengen, en dat vind ik ook hun grote verdienste. Afgelopen vrijdag ontdekte ik hun rapport al op de site van de komende Generale Synode, en ik was toel al zeer aangenaam getroffen door de grote lijnen die worden getrokken! Dus ik zou zeggen: lees ook even mee in het rapport:

Rapport Deputaten Dienst en Recht.
zaterdag 24 november
Zorgen voor je ziel
De gemeenteavond van afgelopen woensdag is door meer dan 30 gemeenteleden bezocht (wat voor de Fonteinkerk een behoorlijk aantal is). We hadden een goede avond en ik hoop van harte dat zal blijken dat ook deze avond weer een stap was op weg naar een gemeente die steeds meer een genezende gemeenschap mag zijn.

Inmiddels is het alweer zaterdag. De afgelopen dagen werden voor mij gekleurd doordat ik afgelopen donderdag een college aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven mocht geven. Het ging over de meditatieve dimensie in de preekvoorbereiding. Als je geïnteresseerd bent in wat er aan de orde is geweest, klik dan op onderstaande links:

ETF homiletiek - Zorgen voor je ziel (handout) (pdf)
ETF homiletiek - Zorgen voor je ziel (reader) (pdf)

De thematiek van 'zorgen voor je ziel' houdt me in bredere zin bezig rond uiteenlopende bezigheden als stervensbegeleiding, stagebegeleiding en preekvoorbereiding. Zo heb ik me - om me nu even tot het laatste te beperken - voorgenomen om in januari 2008 (het duurt nog even) een tweetal preken te houden waarin ik de thematiek van het zorgen voor je ziel ook in de gemeenteprediking aan de orde wil stellen, aan de hand van Psalm 13 ('Mijn ziel gekweld door zorgen') en Psalm 16 ('Daarom juicht mijn ziel') - de maand januari is in de Fonteinkerk al enkele jaren 'maand van het bidden met de Psalmen'. Ik zal er in de toekomst nog wel wat meer over schrijven.
woensdag 21 november
Pastoraat, gebed, genezing
Vanavond is er in de Fonteinkerk een gemeenteavond over het thema: 'Pastoraat en gebed voor zieken in de gemeente'. We hopen als gemeente verder in gesprek te gaan over de werkelijkheid van de kerk als genezende gemeenschap, als plek waar zieken echt zielzorg krijgen en waar genezing plaats vind naar geest, ziel en lichaam door de genade van onze Heer Jezus Christus. We gaan het onder andere hebben over onderstaande stellingen:

1. Het thema genezing moet niet teveel aandacht krijgen. Voor je het weet komen we als gemeente op een charismatisch spoor te zitten.
2. "De dienst der genezing concurreert niet met de moderne geneeskunde; beide zijn veeleer als partners te beschouwen op zoek naar een menselijk bestaan." (Uit: Verklaring Gebed en Genezing, 12 oktober 2007, Lucasorde/Charismatische Werkgemeenschap)
3. De genezingsdiensten van Jan Zijlstra in Leiderdorp leggen een tekort van de traditionele kerken bloot: er is daar veel te weinig pastorale aandacht voor ziekte en genezing.
4. Beter niet bidden om genezing dan het gevaar lopen dwingend tot God te bidden.
5. Ook als onze gebeden om lichamelijke genezing niet leiden tot die genezing, heeft God ons verhoord door innerlijke genezing te geven.
6. Het is een goede zaak als in de Fonteinkerk twee keer per jaar een middagdienst speciaal wordt gewijd aan voorbede voor zieken in de gemeente (en onze familie- en kennissenkring).


Meer informatie op: www.fonteinkerkhaarlem.nl/gemeenteavond.
dinsdag 20 november
Jezus aanbidden
Vandaag ben ik serieus gestart met het werken aan een boek dat al lang is aangekondigd, maar nog steeds niet in verschenen: 'Jezus aanbidden. De glorie van Christus'. Het is het afsluitende deel in het drieluik Jezus ontdekken - Jezus aanbidden - Jezus uitstralen. Het hoort inderdaad in het midden thuis, hoewel het dus als laatste gaat verschijnen. In het voorwoord valt te zijner tijd dit te lezen:

In mij leeft een verlangen om Jezus de eer te geven die hem toekomt.

Dat verlangen komt niet uit mijzelf. Ik geloof dat het een werk is van de heilige Geest. Tegelijk merk ik dat dit verlangen niet altijd even sterk aanwezig is. Er zijn zoveel dingen om te doen, zoveel dingen om aan te denken, zoveel verplichtingen en afspraken die mijn dagen vullen, dat tijd en aandacht aan mijn Heer geven er vaak bij inschiet.

Nu geloof ik zeker ook dat de dingen die ik doe en denk een manier zijn om God te eren. Maar toch herken ik sterk de noodzaak om voor het aanbidden van zijn naam apart tijd en ruimte te maken. En ik ervaar daarbij een zekere verlegenheid: hoe moet ik dat doen?

Dit boek heb ik daarom eigenlijk allereerst geschreven om mijzelf een handreiking te doen voor de aanbidding van de ene naam. Uiteraard hoop ik dat jij als lezer er ook de vruchten van mag plukken voor je eigen groei in de aanbidding van Gods Zoon.


Vandaag ben ik dan echt begonnen met een wat diepgaandere voorstudie. Ik zit te lezen in twee dogmatische handboeken: J.A. Heyns, Dogmatiek (het hoofdstuk over Die lewende God) en H. Bavinck, Gereformeerde Dogmatiek, Deel 2 (de paragrafen over de namen Gods en de eigenschappen God). Want ik had al wel bedacht hoe ik 'Jezus aanbidden' wil opzetten, namelijk aan de hand van de namen van Jezus, de eigenschappen van Jezus, de daden van Jezus en de woorden van Jezus. Dat is voor mij een manier om de volheid en volkomenheid van Jezus (een beetje) in beeld te krijgen.

Overigens is het een vreugde om in die dogmatische handboeken te lezen (dogmatiek was tijdens mijn theologiestudie mijn bijvak, naast homiletiek; er schuilt in mij een dogmaticus;-). Ik geef een paar korte maar krachtige uitspraken van Bavinck door (hij schrijft over Gods openbaring en hoezeer Hij in zijn bekendmaking gebruik maakt van anthropomorphe d.i. mensvormige aanduidingen):

Alle schepselen, levende en levenlooze, bezielde en onbezielde, organische en anorganische, bieden namen aan om de grootheid Gods eenigermate tot ons bewustzijn te brengen.

God is immanent in al het geschapene. De reine van hart ziet God overal.

Alle schepselen noemen een naam van God.


Alles wat in deze dogmatische uitspraken over God wordt gezegd, is overdraagbaar op Jezus. Want Jezus is Gods volle openbaring! Met een citaat van Heyns (Zuid-Afrikaans):

Kennis van Jesus ís kennis van die Godsnaam. Sy Naam is die toegang tot die hart van die Vader.
zaterdag 17 november
Vol
Waar het precies aan ligt weet ik niet, maar ik vond de voorbije dagen geen tijd om te bloggen. Er waren wel wat dingen waarover ik wat wilde schrijven omdat ze me bezig hebben gehouden. Een daarvan was een Theologisch debat in Leiden over 'Bezieling en verkondiging'. Maar nu doe ik toch maar niet meer dan even naar het krantebericht daarover verwijzen: Poëtische of kraakheldere preek.

Ook dit artikel uit de Volkskrant hield me bezig (en vind ik belangrijker dan alle meer of minder scherpzinnige bijdragen aan de discussie over het homobeleid van de ChristenUnie: Geen weg terug.

De foto die je bij deze blog aantreft is gemaakt door Hillie de Rooij, studente fotografie, die een aantal maanden geleden voor een project een fotoserie heeft gemaakt (je ziet onze Reitze van vier jaar knikkeren in mijn werkkamer thuis).
dinsdag 13 november
De liefde en het paradijs
Pastoraat is geven en ontvangen. Vanmorgen kreeg ik in een pastoraal bezoek een citaat aangereikt van de (mij verder niet bekende) dichter Friedrich Rückert. Ik kreeg het omdat we in eerdere gesprekken hadden gesproken over de kracht en de betekenis van de liefde. Iets preciezer: over Gods liefde voor ons waardoor we blokkades en angsten in ons leven kunnen overwinnen. Dit is het citaat:

Het gebed voert halverweg tot het paradijs, de kracht van het geloof klopt aan de poort en werken der der liefde openen haar.

Daar kun je wel wat langer over nadenken, lijkt me. Wat is volgens dit citaat nu precies de rol van het gebed, het geloof en de liefde als het gaat om het leren kennen van het paradijs?
vrijdag 9 november
Nog een keer: Willow Creek
Het houdt me ook vandaag nog bezig, de resultaten van het REVEAL-onderzoek van WillowCreek. In het Nederlands Dagblad stond er iets over te lezen: Lage drempels versus geloofsverdieping. En ik vond een video met een toespraak waarin Bill Hybels zelf een toelichting geeft. Ga er even naar kijken, neem er even de tijd voor: toespraak van Bill Hybels.

Ik zocht ook even terug wat ik in maart 2007 zelf heb geformuleerd als vernieuwde verlangens bij het ingebruik nemen van de nieuwe Fonteinkerk:

1) Wij verlangen naar een hernieuwde liefde voor het Woord van God. Wij willen gemeente van het Woord zijn, we hebben de Schriften van Oud en Nieuw Testament lief! Wij willen een hoge prioriteit geven aan gezamenlijk en persoonlijk bijbellezen!
2) Wij verlangen naar een hernieuwde concentratie op Christus in zijn glorie. Wij willen een gemeente zijn waarin de grootheid van Gods Zoon elke (zon)dag opnieuw beleden wordt omdat de Vader zoveel vreugde vindt in zijn Zoon! Wij willen Jezus kennen en liefhebben in zowel zijn lijden (als lam) als zijn luister (als leeuw)!
3) Wij verlangen naar een hernieuwde aandacht voor de Geest van het Woord. Wij willen ons steeds meer overgeven aan de krachtige en liefdevolle werking van de heilige Geest door en rondom het Woord! Wij willen door het Woord van de Schriften heen de vergevende, genezende en bevrijdende kracht van Jezus' Geest ondergaan en zo meer vrucht dragen als leerlingen van Christus!


Lees het hele document: Nieuwe Fonteinkerk - vernieuwde verlangens.

Tenslotte wil ik je deze afbeelding van de site www.revealnow.com niet onthouden:

donderdag 8 november 2007
Geschokt
Toen ik zonet via de dagelijkse nieuwsbrief van OneWay het onderstaande bericht las, was ik echt een beetje geschokt:

De invloedrijke Amerikaanse megakerk Willow Creek Community Church, ook in Nederland bekend om zijn gemeentegroeimodellen, komt na drie jaar intern onderzoek tot de slotsom dat ze de verkeerde aanpak voorstaat.
In plaats van gemeenteleden te helpen groeien in geloof, zijn deze juist passief en afhankelijk gemaakt omdat Willow Creek zijn activiteiten sterk afstemde op specifieke doelgroepen, en dan met name toetreders en geïnteresseerde buitenkerkelijken. "We hebben vergeten mensen die tot geloof zijn gekomen te wijzen op hun eigen verantwoordelijkheid zelf geestelijk voedsel te vergaren", zei de bekende oprichter Bill Hybels in een verklaring. "Wij hebben een fout gemaakt."


Ik heb zelf intens genoten van twee WillowCreek-conferenties (in 2002 en 2004) en voel me bijzonder krachtig aangesproken door Bill Hybels. Toch heb ik innerlijk altijd wat reserves gehad en gehouden bij het WillowCreek-concept. Nu Hybels zelf aangeeft een fout te hebben gemaakt door voor een aanpak te kiezen die bij mensen die al langer gelovig zijn leidt tot een passieve houding als het gaat de om eigen omgang met de Schrift, krab ik nog een keer extra achter mijn oren. Wat is er aan de hand? (Waarbij ik overigens ook dit graag wil zeggen: Bill Hybels vertoont zo opnieuw moedig leiderschap! Hij geeft fouten toe, en daar is veel moed voor nodig.)

Maar ook: ik herken het net zo goed in mijn eigen gemeente, waar van enige Willow-invloed voor zover ik weet geen sprake is, dat mensen niet of nauwelijks in staat zijn zelfstandig om te gaan met de Bijbel, en zich daarin erg afhankelijk maken van de preek (waar vervolgens vaak nogal wat mis mee blijkt te zijn of waarin alles wat door de week niet zelfstandig is gedaan op een presenteerblaadje moet worden aangereikt, vormgegeven in de mal van de eigen individuele preekvisie). Dat is zorgelijk en ik ben blij dat we als kerkenraad afgelopen weekend afgesproken hebben hier de komende drie jaar een speerpunt van geestelijk beleid van te maken: geestelijk leven, met de focus op omgaan met de Bijbel, gebed en geloofsgesprek.


Overigens zijn we al een stuk op weg met een mooi project: Samen de Bijbel door!
woensdag 7 november 2007
Danken voor vlooien
Het is vandaag dankdag. Vanavond mag ik in IJmuiden (Petrakerk) in een dankdagdienst voorgaan. Het zal gaan over Efeziërs 5 vers 20: "Dank God, die uw Vader is, altijd voor alles in de naam van onze Heer Jezus Christus."

Kan dat wel? Is dat niet een onbarmhartige eis: altijd danken? De Goed Nieuws Bijlage van het Nederlands Dagblad doet een mooie poging om onze ogen te openen voor al het goede wat er ook is, naast het vele slechte. Toch moet het dieper gaan. Want het gaat er Bijbels gezien niet om dat ik alle goede dingen leer te zien zodat ik toch nog kan danken, maar dat ik ook als er weinig goede dingen zijn oog heb voor de genadige goedheid van God die eeuwig is.

Ik zal als voorbeeld trouwens iets voorlezen uit het boek 'De schuilplaats' van Corrie ten Boom. Zij en haar zus Betsie zijn in een nieuwe barak van het concentratiekamp gekomen, en daar leert Betsie haar zus om te danken voor alles, ook voor de vlooien die er zijn.

"Dank U", ging Betsie kalm verder, "voor de vlooien en voor ..." De vlooien! Dat was teveel. "Betsie, dat kan ik niet. Dat is onmogelijk. Zelfs God kan me niet dankbaar maken voor een vlo." "Dankt onder àlles," zei ze. "Er staat niet: voor prettige dingen. Vlooien horen bij de plaats waar God ons gesteld heeft."

Later blijkt dat Betsie en Corrie juist in deze barak heel veel over het evangelie konden vertellen omdat er weinig toezicht was van de bewakers. Waarom? Vanwege de vlooien!
donderdag 1 november 2007
Wat een ruimte!
Ik mocht weer een column schrijven voor het Nieuwsbulletin van de Haarlems beweging Geloven in de Stad. Altijd leuk om te doen, en het levert meteen ook weer een blog op!

Als predikant ben ik heel vaak bezig met Bijbelteksten. Vooral in de voorbereiding van preken die ik houd. Of misschien moet ik het anders zeggen: de Bijbelteksten zijn bezig met mij! Want als het goed is doén Bijbelteksten wat in je leven.

Zo is het bijvoorbeeld met Efeziërs 3 vers 18-19: "Dan zult u met alle heiligen de lengte en de breedte, de hoogte en de diepte kunnen begrijpen, ja de liefde van Christus kennen die alle kennis te boven gaat." Ik word vooral getroffen door die vier dimensies. Het gaat hier over een hemelse geometrie, een heilige meetkunde, die aan drie dimensies niet genoeg heeft.

En ik krijg er weer oog voor hoe ruim en wijds en groots en onmetelijk het is. Ja, wát eigenlijk? Waarván worden hier de lengte, breedte, hoogte en diepte gemeten? Het staat er niet direct bij. Ik word eerst uitgenodigd om een onmetelijke ruimte binnen te gaan, een vierdimensionale wereld waarin ik niet uitgekeken raak.

Het is de wereld van God die niet te vatten is in onze drie dimensies. Het is de ruimte van zijn heil en goedheid: adembenemend. Het is het eindeloze en grenzeloze heelal van zijn onvoorwaardelijke liefde. Want dat voel ik wel aan, samen met Paulus: dit gaat over de liefde van Christus – onmetelijk, onbegrijpelijk, een eindeloze vierdimensionale ruimte waar ik me volkomen thuis mag voelen.

En dat wil ik dan zo graag gaan delen met anderen. Met jou bijvoorbeeld, die dit nu leest. De liefde van Christus: wat een ruimte!
dinsdag 30 oktober 2007
Micha Manifest
Morgen verschijnt het Micha Manifest. In het Nederlands Dagblad van vandaag wordt daarover geschreven onder de kop: Manifest tegen onrecht. Ik ben enkele weken geleden gevraagd mijn handtekening er ook onder te zetten. Daar heb ik nogal over lopen aarzelen. Ik geef hieronder even weer wat ik daarover heb geschreven aan Marnix Niemeijer, directeur van TEAR:

Ik sta wat ambivalent tegenover je verzoek om het Micha Manifest te ondertekenen. Dat heeft niets te maken met het Manifest en de nagejaagde doelen van de MichaCampagne, maar veeleer met mijn eigen (on)mogelijkheden om hierin daadwerkelijk en praktisch van betekenis te zijn, als predikant. Ik heb vorig jaar met veel vreugde drie keer gepreekt over Micha (in mei 2007) en vervolgens nadrukkelijke aandacht besteed aan de MichaZondag van 15 oktober.
Tot mijn spijt heeft dit echter op geen enkele manier een vervolg gekregen in de Fonteinkerk. Ik had gehoopt dat er vanuit de gemeente iets zou worden opgepakt in praktische zin of in het meer vorm geven aan onze betrokkenheid als gemeente bij deze dingen. Ik wil graag voorgaan in een stuk bezinning, maar mij ontbreekt de ruimte om in de gemeente vervolgens ook leiding te geven aan een daadwerkelijk vervolgtraject.
Daarnaast kom ik er steeds meer achter dat ik als predikant ook eigen accenten zet die meekomen met mijn eigen gaven en passie. Daarbij is de thematiek van Micha in mijn leven veel minder nadrukkelijk aanwezig. Ik richt me veel meer op mijn passie om Christus in alles centraal te stellen, met bijzondere aandacht voor eigentijdse en aansprekende prediking en een vitale (contemplatieve) spiritualiteit.
Alles overwegend vind ik het zelf niet passend c.q. niet integer naar mezelf toe om een handtekening te zetten onder een Manifest waarvan ik de inhoud zonder meer heel belangrijk vind, maar waarbij ik ook merk dat mijzelf de ruimte ontbreekt om daarin daadwerkelijk voor-ganger in te zijn.
Ik hoop dat je begrip hebt voor dit verhaal. Mocht je er zelf heel anders over denken en vinden dat mijn handteking toch heel goed onder dit document zou passen, dan laat ik me graag overtuigen.


In een uitgebreid telefoongesprek met Marnix Niemeijer gaf hij aan dat ik de verlegenheid verwoordde die zeer velen hebben: waar haal ik de moed vandaan hier iets over te zeggen en zelfs een handtekening onder een Manifest te zetten, als er in de eigen levenspraktijk maar zo weinig gestalte wordt gegeven aan de strijd tegen armoede?
Maar al sprekend kwamen we erachter dat dan waarschijnlijk niemand hier meer iets over kan zeggen, omdat we allemaal tekort schieten. Juist dat wordt ook in het Manifest aan de orde gesteld:

De Bijbel vertelt ons voortdurend over Gods liefdevolle bedoeling met mensen. Met name Micha dwingt ons met een bewogen hart naar onze naaste te kijken. Daar hebben we helaas niet altijd aan voldaan. Daarom erkennen en belijden wij voor God en voor elkaar dat wij ernstig tekort zijn geschoten in een dienstbare levenshouding.

donderdag 25 oktober 2007
Psalm 13
Vanmorgen las ik onder meer Psalm 13. Ik werd opnieuw getroffen door het gegeven dat in de Psalmen zo vaak wordt gesproken over zorgen en moeiten die er zijn in het leven. Ik herken dat zelf ook wel: dat je in je gedachten eindeloos bezig kunt zijn met dingen die je dwars zitten, er wakker van kunt liggen, er een moedeloos gevoel van kunt hebben waardoor er soms zelfs maar weinig uit je vingers komt. Het mag er in de Psalmen allemaal zijn. Maar nooit alleen maar. Er wordt ook altijd weer de weg gewezen, de weg van het je toevertrouwen aan de liefde van God. Les zo een Psalm 13 en probeer de beweging die er in zit mee te maken: van jouw zorgen naar Gods liefde.

Hoe lang nog, HEER, zult u mij vergeten,
hoe lang nog verbergt u voor mij uw gelaat?
Hoe lang nog wordt mijn ziel gekweld door zorgen
en mijn hart door verdriet overstelpt, dag aan dag?
Hoe lang nog houdt mijn vijand de overhand?

Zie mij, antwoord mij, HEER, mijn God!
Verlicht mijn ogen, dat ik niet in doodsslaap wegzink.
Laat mijn vijand niet roepen: ‘Ik heb hem verslagen’,
mijn belagers niet juichen omdat ik bezwijk.

Ik vertrouw op uw liefde:
mijn hart zal juichen omdat u redding brengt,
ik zal zingen voor de HEER, hij heeft mij geholpen.


maandag 22 oktober 2007
Time with Jesus
Al enkele jaren heb ik via internet contact met een collega en vriend uit Canada: Dick Moes. Het is een vruegde hem te mogen kennen omdat hij vol is van Christus en vol van het levensveranderende werk van Gods Geest. Hij vertaalt ook al een lange tijd de meditaties die ik schrijf op www.tijdmetjezus. Deze zijn nu ook dagelijks te lezen op internet: www.timewithjesus.nl. Dus als je Engelstalige vrienden, familieleden of collega's hebt van wie je denkt dat ze deze vertaalde meditaties graag dagelijks zouden willen lezen, geef dit webadres dan aan ze door!
vrijdag 12 oktober 2007
Leraar van Gods liefde
Afgelopen woensdagavond was ik in De Voorhof in Franeker (GKV). Ik mocht daar een verhaal houden over 'De eerste liefde'. Dat was mooi om te doen omdat ik tijdens en na zo'n verhaal merk hoeveel verlangen er is om dat te horen: dat God van ons houdt. Je kunt het met je hoofd weten, je kunt het in de Bijbel lezen, maar het kan pas echt binnenkomen als iemand het tegen je zegt! Ik denk dat dat ook de essentie is van de reformatorische nadruk op het gesproken Woord: het gaat er in de verkondiging (of dat nu een preek in een kerkdienst of een verhaal op een gemeenteavond is) om dat iemand ons aankijkt en aanspreekt met het evangelie van Gods liefde!

Op de terugweg in de auto herinnerde ik me weer dat ik in de zomervakantie bij het lezen van een biografie over Henri Nouwen (Gods beminde, door Michael O'Laughlin) getroffen was door de typering van Nouwen als 'profeet van Gods liefde'. Ik nam me toen voor om in ieder geval een jaarlan 'leraar van Giods liefde' te willen zijn. Vandaar dat ik dit seizoen veel preek (en zo nu en dan elders spreek) over het thema 'God is liefde'. Tegelijk voel ik daarin steeds weer iets aanmatigends zitten, in zo'n typering: 'leraar van Gods liefde'. Wie ben ik dat ik dat zou kunnen? Dat heeft met twee dingen te maken. Allereerst met een persoonlijke verlegenheid: Hoe liefdevol ben ik zelf eigenlijk? Hoe zou ik durven spreken over dingen die in mijn eigen leven maar heel mondjesmaat aanwezig zijn? In de tweede plaats is er ook een beroepsmatige verlegenheid: Heb ik wel de moed om leraar te zijn? We spreken in de kerk vaak wel dierbaar over predikanten als 'herder en leraar', maar in de praktijk van het kerkelijk leven kom ik toch wel erg vaak een cultuur tegen waarin de gemeente (of althans een niet onbelangrijk deel daarvan) zich opstelt als leraar en waarbij de predikant als leerling wordt gezien. Vooral in de zogenaamde kandidaatsgemeenten, waar de meeste predikanten hun eerste ervaringen in het predikant-zijn opdoen, heerst gemakkelijk zo'n cultuur. En het gevaar is groot dat je als predikant daarin meegenomen wordt en een grote verlegenheid ontwikkelt om leiderschap en leraarschap (want die twee liggen heel erg dicht tegen elkaar aan) in de praktijk te brengen.

Heb ik de vrijmoedigheid om 'leraar van Gods liefde' te zijn? Ja, die heb ik telkens als ik weer bedenk dat dat eenvoudigweg mijn roeping is en dat ik het alleen kan als ik spreek als een leerling. Bij dat laatste denk ik aan Jesaja 50 vers 4 (vertaling 1951):

De Here HERE heeft mij als een leerling leren spreken
om met het woord de moede te kunnen ondersteunen.
Hij wekt elke morgen, Hij wekt mij het oor,
opdat ik hore zoals leerlingen doen.


Dat zijn woorden uit een van de vier profetieën over de dienaar van de HEER, over Jezus Christus dus. In zijn leraarschap, dat dus ook gevoed wordt door leerling-zijn, ligt mijn vrijmoedigheid om leraar te zijn, om te spreken als een leerling van Jezus over de liefde van God.

p.s. Ik vier een week herfstvakantie! maandag 22 oktober hoop ik er weer te zijn.
maandag 8 oktober 2007
Liefdevolle heiligheid
Gisteren heb ik gepreekt over het verhaal van de vader die twee zonen had. We hebben vooral ingezoomd op de oudste zoon. Omdat hij net als de jongste de weg helemaal kwijt is. Het ging over woede en kritiek en over een vader die daar liefdevol op reageert: 'alles wat van mij is, is van jou!' Kijk op: www.josdouma.nl/godisliefde.

Komende zondag hoop ik te preken over Gods liefdevolle heiligheid. We gaan proberen mee te maken wat Mozes overkwam: dat de HEER in een wolk neerdaalt en naast hem komt staan en uitroept:

De HEER! De HEER! Een God die liefdevol is en genadig, geduldig, trouw en waarachtig, die duizenden geslachten zijn liefde bewijst, die schuld, misdaad en zonde vergeeft, maar niet alles ongestraft laat en voor de schuld van de ouders de kinderen en kleinkinderen laat boeten, en ook het derde geslacht en het vierde.

Vanmorgen las ik een artikel van Bert de Leede waarin hij dé uitdaging voor de prediking vandaag in één zin omschrijft: 'Het bijbelse verhaal zijn eigen werk opnieuw laten doen, zodat oude en nieuwe grondwoorden weer schokkend, verrassend, vernieuwend en vertroostend ervaren worden.' Ik heb nog zes dagen om te ontdekken hoe dat in een preek over Exodus 34 vers 5 tot 7 zou kunnen.
donderdag 4 oktober 2007
Psalm 119: reikhalzen en liefhebben
Vanmorgen las ik Psalm 119 tijdens mijn wekelijkse 'retraite'. Een prachtige Psalm die overloopt van de liefde voor de woorden die God spreekt. Er worden steeds afwisselende begrippen gebruikt: regels, woorden, geboden, inzettingen, richtlijnen, wet. Als je de Psalm leest met het gevoel dat je wordt opgejaagd om je te houden aan de wet in eigen kracht, is de Psalm eindeloos vermoeiend. Maar als je de Psalm bidt met Jezus voor ogen, dan wordt het een bron van inspiratie en vreugde. Speciaal vers 48 trof me:

Ik reikhals naar uw geboden,
ik heb ze lief.
Uw wetten blijf ik overdenken.


Als ik deze woorden me eigen maak met Christus voor ogen, oftewel als ik ze christocentrisch bid, dan ga ik weer iets meer aanvoelen van dat reikhalzen en dat liefhebben en van dat verlangen om de geboden en wetten van Jezus te overdenken. Welke geboden en wetten? Deze bijvoorbeeld:

Verzamel voor jezelf geen schatten op aarde!
Zoek liever eerst het koninkrijk van God!
Oordeel niet, opdat er niet over jou geoordeeld wordt!
Kom naar mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan!
U moet geen moeite doen voor voedsel dat vergaat, maar voor voedsel dat niet vergaat en eeuwig leven geeft!

Deze geboden en wetten van de Heer, ik reikhals ernaar, ik heb ze lief, ik blijf ze overdenken.
woensdag 3 oktober 2007
Preken
Preken blijft een enorme uitdaging. Hoe kan ik mensen bereiken die zo verschillend zijn en die zulke verschillende verwachtingen hebben? Vanmorgen had ik hier een uitgebreid gesprek over met Tim Vreugdenhil van de Stadshartkerk in Amstelveen. Onze manier van preken verschilt nogal van elkaar en daar hadden we een boeiend en openhartig gesprek over waarin we ook (opnieuw) ontdekten hoezeer de eigen manier van preken met de eigen persoonlijkheid te maken heeft en hoezeer ook het antwoord op de vraag of een preek aanspreekt of niet samenhangt met de persoonlijkheid van de hoorder. Tim kiest voor een prediking die vooral wil uitdagen op het niveau van het denken over geloof en van de relevantie van het evangelie van Jezus. Ik kies meer voor een prediking waarin de spirituele dimensie, de dimensie van de ziel wordt aangesproken. Beide stijlen hebben sterke kanten en valkuilen. We spraken over de vraag of mijn preken niet toch ook meer te denken zouden moeten geven (intellectuele uitdaging) en of zijn preken niet toch ook meer te ervaren zouden moeten geven (uitdaging op zielsniveau). We bevinden ons elk (ietwat zwart-wit gesteld) aan een van de kanten van de lijn waarop links het woord informatie staat (theologie, denken, lijnen in de openbaring) en rechts het woord transformatie (spiritualiteit, ervaren, verandering op zielsniveau). Het gesprek was in elk geval heel boeiend omdat we elkaar konden uitdagen, waarbij er niet een simpele oplossing is: een scheutje meer contemplatie voor de een en een scheutje meer informatie voor de ander. We blijven nadenken en uitproberen vanuit het besef dat alleen de Geest mensen kan bereiken en dat wij niet meer mogen willen dan daaraan dienstbaar zijn.


Eerdere blog-berichten (1 juni tot 30 september 2007)